17. Twee keer Gerrit, maar uit verschillende werelden
Ga naar plattegrond
Het leven van arbeiders was heel anders dan het leven van fabrikanten. Dat zie je goed in de interviews met twee mannen die allebei Gerrit heten.
De eerste is Gerrit Bennink. Hij is 32 jaar, socialist en voorman. Hij vertelt:
“Vroeger werkte ik zelf in de fabriek. Tot de weverij afbrandde en ik van vier hoog moest springen. Toen mijn rug brak, zag ik pas hoe zwaar het leven van arbeiders is. Elf uur per dag werken ze in een benauwde zaal, voor weinig loon en zonder uitzicht op een beter leven. Kinderen moeten meehelpen om te overleven. Ze eten roggebrood, aardappelen en soms wat vet. Vlees kennen ze niet. Wie ziek wordt, krijgt geen hulp. Het is een hard bestaan.”
De tweede is Gerrit Jan van Heek. Hij is 52 jaar en fabrikant. Hij vertelt:
“Elf uur werken is goed te doen. Mijn mensen zijn gezond en tevreden. Ze verdienen beter dan vroeger en kunnen zelfs boeken lenen in onze bibliotheek. Kinderen mogen hier al vanaf hun twaalfde beginnen. Zo leren ze het vak op tijd.”
De twee verhalen laten zien hoe verschillend mensen naar de fabriek konden kijken. In Enschede zei men daarom:
“De Van Heek bepaalt niet alleen je loon, maar ook waar je woont en waar je bidt.”